Drenthe in 2115


Het is 2115. Net als vroeger halen we onze energie van de grond en uit onze bodem. In lang vervlogen tijden, tot ongeveer 2025, waren dat achtereenvolgens turf, olie en aardgas. Windmolens bepaalden in de eerste veertig jaar van de 21e eeuw het beeld van onze energiewinning, samen met zonneakkers. Het waren immense zonneakkers, met megapanelen langs autosnelwegen, spoorbanen en op braaklanden. Heel Drenthe glinsterde. Gelukkig heeft de mensheid de opwarming van de aarde binnen de perken weten te houden.

Sterker nog, door slimme technieken weet de mens de kracht van de zon te vergroten dat we nu, in de tweeëntwintigste eeuw , onze bossen, heide, gras- en weidegebieden energie laten absorberen. Gewoon, terwijl het groeit en bloeit. Dat kan, want Wageningen heeft elektrogroen uitgevonden, met onzichtbare natuurlijke microzonnepaneeltjes. We kunnen er op recreëren, sporten, onze schaapskuddes hoeden en ons vee laten grazen. Want dat is allemaal gebleven. We kunnen er alles, terwijl het zonlicht zijn werk doet en de natuur de rest. De natuur geeft ons letterlijk energie.

"Je Google-vraag is al beantwoord voordat je hem hebt ingetoetst"

De energieopwekking zelf is nu, in 2115, niet meer het grote vraagstuk. De uitdaging is het transport ervan. Drenthe heeft hier een groot voordeel. Een ruime eeuw geleden verrezen her en der in ons Drentse landschap en ook wel daarbuiten kleine antennetjes. Die waren ondergronds allemaal met elkaar verbonden. Zo vormden ze een gigantische radiotelescoop, Lofar. Onze wetenschappers hebben er het complete heelal mee verkend, tot in de verste uithoeken en de zwartste gaten: geen geheim van het universum bleef nog geheim. Tijdens zeer verre ruimtereizen hebben we daar een ultrageleidende metaalsoort ontdekt: hyperguidonium XTJ3. Hiermee kun je via nanotechnologie dat ondergrondse kabelnetwerk injecteren. Het zorgt dan niet alleen voor razendsnel internet – je Google-vraag is al beantwoord voordat je hem hebt ingetoetst – maar transporteert ook weerstandsloos ontelbare megawatts stroom. Stroom uit bomen, heide en gras. Drenthe heeft zoveel natuur, dat het in 2115 een grote exporteur is van energie. Als vanouds, want al eeuwen.

Ook heeft Drenthe laaghangend fruit in overvloed. Want sinds 2015, nu al honderd jaar, is het fietsprovincie nummer 1. De techniek van fietskrachtabsorptie is ongeveer even oud. Verbruikte de e-bike – wie kent hem nog? – toen nog elektriciteit, nu geeft de gewone fiets de trapkrachtenergie van de fietser af aan systemen in het wegdek. Aanvankelijk kon men er alleen een paar lantaarnpalen van laten branden, maar door sterk verlaagde kettingweerstandsreducties levert één fietser op een traject van pakweg zeven kilometer voldoende energie voor een gemiddelde bonte gezinswas van een week. Dat is veel meer dan slechts een setje fietskleding na een dagtochtje trappen. En we hebben nogal wat fietsers hier, met ons half overdekte netwerk van fietsturbosnelwegen, waarop het altijd wind mee is. Ook voor onze tegenliggers op de andere baan. Fossiele brandstoffen? Wat waren dat voor dingen?

(photo credits: Bruce McAdam)


Over de auteur

john

John Tits

Oud communicatie adviseur provincie Drenthe